| |
|
|
| |
 |
|
| |
Het Kruse
orgel in de Nederlandse Hervormde
kerk van Rossum. |
|
| |
Foto
© A.H. Boogert, Nieuwland |
|
| |
|
|
Oorspronkelijke
dispositie
| Prestant |
8' |
Fluit |
4' |
| Holpijp |
8' |
Quint |
3' |
| Viola di
Gamba |
8' |
Octaaf |
2' |
| Octaaf |
4' |
Trompet |
8' |
| Manuaal |
C-f3 |
Aangehangen pedaal |
C-g0 |
Huidige
dispositie
| Prestant |
8' |
Fluit |
4' |
| Holpijp |
8' |
Quint |
3' |
| Viola di
Gamba |
8' |
Octaaf |
2' |
| Octaaf |
4' |
Mixtuur |
4 st. |
| Manuaal |
C-f3 |
Aangehangen pedaal |
C-g0 |
| |
|
| |
| Geschiedenis |
| |
|
| |
Uit onderzoek in
het archief van de Hervormde Gemeente van Rossum. |
| |
|
| |
In een inventarisatie van
kerkelijk kunstbezit wordt het orgel als volgt
beschreven:
NED. HERV. KERK TE ROSSUM, ORGEL (westwand)
h. circa 400-450 cm., br. 410 cm.; hout; 1899;
J.F. Kruse, Leeuwarden.
Neo-gotische orgelgalerij. Drie pijpenbundels als
halfzuilen, met drie rozetten als consoles; onder
de middenbundel "1899". Op de middelste
bundel een opengewerkte lier, op de zijbundels
open bladmotief. Opengewerkte vleugelstukken met cornucopia.
Kleuren: imitatie-eiken; donkergroen en gouden
accentueringen. |
| |
|
| 1899 |
In de vergadering van
kerkvoogden en notabelen op 19 juni 1899 wordt
besloten een orgel te doen plaatsen.
Kennelijk is als vervolg daarop de heer Kruse
aangeschreven, want als reactie op een schrijven
stuurt hij op 18 juli 1899 een offerte.
|
| |
stempel:
J.F. KRUSE
voorheen
W. HARDORFF
Fabrikant van Kerkorgels
Nieuwstad G 74,
LEEUWARDEN
|
| |
Leeuwarden
den 18 Juli 1899.
Den Weledelen Heer J.H. Huijskes
te
Zaltbommel
Weledele Heer!
U Edele schrijven heb ik zooeven
ontvangen en deel U door dezen mede, dat het
besprokene Orgel bestaat uit.
Een achtvoetswerk, een klavier en aangehangen
pedaal, meer als sterk genoeg voor 4 honderd
persoonen.
De registers zijn als volgd:
| 1. |
Prestant 8 voet
engelsch tin in't front gepolijst. |
| 2. |
Petit Bourdon 8
voet. |
| 3. |
Viool di Gambe
8 voet. |
| 4. |
Octaaf 4 voet. |
| 5. |
Fluit d'amour 4
voet. |
| 6. |
Octaaf 2 voet. |
| 7. |
Quint 3 voet. |
| 8. |
Trompet 8 voet. |
| 9. |
Ventiel
(Werktuiglijk register) |
Prijs 2500,-
kant en klaar in de kerk te leveren.
Orgel vertrouwingszaak
Alle materialen zullen van het beste
genomen worden (wat schrijft de heer M.
van 't Kruijs in een Orgelcourant).
In dezen beroep ik mij op den heer van 't Kruijs
die langen tijd de Organist was van het grootste
Orgel van Nederland namentlijk van dat te
Rotterdam. Volgens Zijne Edele kunnen vele nieuwe
Orgels van den tegenswoordigen tijd slechts een
halve eeuw het gebruik doorstaan om daarna zoo
goed als versleten te zijn omdat de makers
door op de materialen te bezuinigen, veel
goedkooper kunnen leveren maar dan ook
ten koste van de duurzaamheid van het instru-
ment. Hoe geheel anders is dat met de Orgels van
vroegeren tijd die eeuwen hebben stand gehouden
door dat bij de samenstelling het beste niet
te goed werd geacht. Hier blijkt goedkoop, duur-
koop te zijn, en daarom wordt door mij ook
alles uitsluitend in de eerste kwaliteit geleverd
opdat het nageslacht nog van de stichting profi-
teeren kan.
Onder beleefde aanbeveling
heb ik de eer te zijn met de meeste
hoogachting
U Edele dienstvaardigen dienaar
J.F. Kruse
|
| |
In de vergadering van kerkvoogden van 31 juli
1899 stelt men vast dat "het orgel
gereedstaand is en zeer geschikt voor ons
kerkgebouw", waarop wordt besloten
"de fabrikant te doen overkoomen en met hem
te onderhandelen tot aankoop van een geschikt
orgel voor het kerkgebouw".
Op 7 augustus 1899 stelt de heer Kruse het bestek
en de voorwaarden op voor de
levering van het orgel. |
| |
stempel:
J.F. KRUSE
voorheen
W. HARDORFF
Fabrikant van Kerkorgels
Nieuwstad G 74,
LEEUWARDEN |
| |
Bestek en Conditien met
bijbehoorende teekening, voor de
vervaardiging van een Nieuw Kerk-
orgel Voor de Hervormde Kerk te Rossum.
van J.F. Kruse voorheen W.
Hardorff fabrikant van Kerkorgels te
Leeuwarden
Het Orgel zal zijn een achtvoetswerk een kla-
vier en aangehangen pedaal.
De navolgende dispositie van de stemmen is als
volgt:
| 1. |
Prestant 8 voet
engelsch tin in't front gepolijst. |
| 2. |
Petit Bourdon 8
voet. |
| 3. |
Viool di Gambe
8 voet. |
| 4. |
Octaaf 4 voet. |
| 5. |
Fluit d'amour 4
voet. |
| 6. |
Quint 3 voet. |
| 7. |
Octaaf 2 voet. |
| 8. |
Trompet 8 voet. |
| 9. |
Ventiel
(Werktuiglijk register) |
Artikel 1.
De Orgelkast
De kast zal overeenkomstig de teekening van fijn
vurenhout gemaakt worden.
Art. 2.
Het Ornamentwerk
Het ornamentwerk of snijwerk zal
van fijn grenenhout moeten zijn, zonder spint
zuiver uitgesneden.
Art. 3.
De Windlade
De windlade met hare pijpstokken roosterbord
enz. moeten van 1e kwaliteit zuiver uitgewerkt
eikenwagenschot worden vervaardigd.
Art. 4.
De Blaasbalg
De blaasbalg zal van fijn vurenhout met eerste
kwaliteit schaapleder vervaardigd worden.
Art. 5.
De Kanalen of Windbuizen
De kanalen of windbuizen, zullen van grenen
en van fijn schaapleder vervaardigd worden.
Art. 6.
Het Handklavier.
Het handklavier en het daarbij behoorend raam
gemaakt van zacht en rechtdradig eikenwagen-
schot, zal in 54 toetsen accuraat verdeeld
strekking hebben van Groot C. tot en met
drie gestreepte f. Op de onder toetsen zullen
fijne
witte plaatjes gelijmd worden, de boventoetsen
zullen van ebbenhout zijn. Het geheele raam-
werk zal zwart gepolituurd worden.
Art. 7.
Het voetklavier of Pedaal.
Het pedaal zal in 20 toetsen verdeeld worden
loopende van Groot C tot en met klein
g, verder zal het pedaal zelve uit wagenschot
eiken-
hout vervaardigd worden.
Art. 8.
De Abstractuur.
De welborden of ramen zullen van grenen
en eikenhout zijn, de wellen en abstractuur
fijn grenen de winkelhaken van koper.
Art. 9.
De Registertrekkers.
De registertrekkers zullen worden zwart gepo-
lituurd met witte porseleinen plaatjes waar-
op de naam van het register staan zal.
Art. 10.
Het Houtenpijpwerk.
Het houtenpijpwerk zal uit fijn vurenhout
vervaardigd worden, van binnen met lijm en
krijt bestreken van buiten tweemaal met olie en
vernis bestreken zoodat men
altijd het hout kan onderscheiden.
Art. 11.
Het Metalenpijpwerk
De frontpijpen zullen van engelsch tin met
een weinig lood vermengd vervaardigd worden
(anders kan men het tin niet verwerken) het
binnenpijpwerk van half en half, half tin half
lood.
Art. 12.
Conductors of windleiders.
De conducten, welke tot al het afgeleide
pijpwerk vereischt worden, zullen vloeibaar gebo-
gen en sterk gesoldeerd van geplet spaansch lood
gemaakt zijn.
Art. 13.
Zamenstelling der tongwerken.
De tongen zullen van koper de bekers en
voeten zullen van metaal gemaakt worden.
Art. 14.
Toonshoogte.
De toonhoogte van het Orgel zal die van het
Ordinaire Orkest zijn, en
de stemming van het geheele werk naar eene
welverdeelde gelijkzwevende temperatuur
zuiver worden volbracht op een luchtpersing
of windzwaarte van 28 - 30 graden.
Art. 15.
Materialen en bewerking.
Orgel vertrouwingszaak
Alle materialen zullen van het beste geno-
men worden (wat schrijft de heer M. van 't Kruijs
in een Orgelcourant).
In dezen beroep ik mij op den heer van 't Kruijs
die langen tijd de Organist was van het
grootste Orgel in Nederland namelijk van dat
te Rotterdam. Volgens Zijne Edele kunnen vele
nieuwe Orgels van den tegenswoordigen tijd
slechts een halve eeuw het gebruik doorstaan,
om daarna zoo goed als versleten te zijn, om-
dat de makers door op de materialen te bezui-
nigen veel goedkoper kunnen leveren, maar
dan ook ten koste van de duurzaamheid
van het instrument.
Hoe geheel anders is dat met de Orgels van
vroegeren tijd, die eeuwen hebben stand gehouden
en nog mooi zijn, door dat bij de samenstelling
het beste niet te goed werd geacht. Hier
blijkt goedkoop duurkoop te zijn en daarom
wordt door mij ook alles uitsluitend in de
eerste kwaliteit geleverd, opdat het nageslacht
nog van de stichting profiteeren kan, verder
zal het werk zoo ingericht zijn, dat men ge-
maklijk bij alle onderdeelen komen kan.
Art. 16.
Tot de geheele levering van het werk
Tot de geheele levering van het werk behoort
te zijn gerekend.
1. de plaatsing van het Orgel in de kerk.
2. het zuiver afstemmen naar bovengenoem-
de gelijkzwevende temparatuur.
3. Het schilderen en vergulden van het Orgel.
Uitgezonderd is:
De plaats waarop het Orgel staan moet met
kroonlijst en kleine lambriseerings komen
voor de rekening van Heeren Kerkvoogden.
Art. 17
Tijd voor de vervaardiging.
De Orgelfabrikant of vervaardiger moet
tijd hebben om solied werk te kunnen
leveren ten minste een jaar of nog liever veer-
tien maanden na goedkeuring van dit
bestek als er geen ziekte tusschen beide
komt, dan kan eene gemeente bij deze
bepaling gerust zijn, dat alles goed droog
is, en dat is eene eerste vereischte bij een
Kerkorgel.
Art. 18.
Reponderen van het werk.
Na de voltooiing van het werk geeft de
fabrikant eene garantie over een tijdvak
van tien achtereenvolgende jaren. Desnoods
wil hij voor de deugd van het werk ook levenslang
garantie geven. Deze garantie bepaalt zich
uitsluitend tot gebreken ontstaan door schuld
van den fabrikant. De maker verbindt zich
om jaarlijks in het daarvoor geschikte saisoen,
het orgel te inspecteeren de intonatie op te
zuiveren en geheel over te stemmen onder
toekenning van een honorarium
van 25,-.
Art. 19.
Aannemingssom.
De fabrikant of aannemer zal voor de ver-
vaardiging van dit werk genieten
de som van
Twee duizend vijfhonderd
gulden.
Art. 20.
Termijn van betaling
Direct na de ingebruikneming van
het Orgel, (desnoods kunnen er andere
condities gemaakt worden)
Art. 21.
Ook beloofd de fabri-
kant bij leven en welzijn het
Nieuwe Kerkorgel
bij de eerste Godsdienstoefening zelf
te bespelen.
Rossum den 7 Augustus 1899.
J.F. Kruse
voorheen
W. Hardorff
Fabrikant van
Kerkorgels te
Leeuwarden
Inwijding van het Orgel is bepaald 17 Sept. 1899.
|
| |
Dat het ook
toen al snel kon gaan blijkt in de vergadering
van kerkvoogden en notabelen van dezelfde
datum 7 augustus 1899:
"ter tafel komt eene opgaaf, tekening en
bestek voor het daarstellen van ene kerkorgel
zooals kerkvoogden met de fabrikant van
kerkorgels de heer J.F. Kruse uit Leeuwarden zijn
overeengekomen, 't welk een bedrag is van
vijfentwintighonderd gulden zegge en 2500
welk kapitaal door kerkvoogden zal worden
opgenomen tegen 3½ % met jaarlijksche aflossing
van minstens vijftig gulden. Nader wordt door de
voorzitter in omvraag gebracht of notabelen zich
daarmede kunnen vereenigen. Ook de jaarlijksche
rente met aflossing, onderhoud van het orgel, de
kosten van de organist enz. op de begrootings te
brengen, 't welk met algemeene stemmen
wordt aangenomen".
Op 17 september zal de heer
Kruse bij de inwijding het orgel zelf hebben gedemonstreerd
en de eerste kerkdienst zelf hebben
begeleid.
|
| |

|
| |
|
| |
Meer
informatie over dit orgel blijft natuurlijk
welkom.
|
|